In de afgelopen periode zijn wij helaas geconfronteerd met
een aantal honden voor de herplaatsing. Oorzaken lagen in
gebrek aan tijd, opvoeding en in feit dat de hond een kind
heeft gebeten.
In onze folder, flyer en bij het Tollerinformatiepunt
wordt vermeld dat een Toller net als andere honden NIET
sociaal, lief en gehoorzaam wordt geboren, de fokker én
moederhond hebben het eerste aandeel hierin. Daarna is het
aan u als eigenaar om de hond op te voeden en te trainen. U
start met de puppycursus en gaat daarna verder met de
vervolgcursussen, bedenk dat u dit ook moet doen als het
regent, vriest of warm is. Met een hond bent u eigenlijk
nooit klaar met opvoeden en trainen. Trainingen volgen kunt
u met veel plezier zijn hele leven volhouden, een Toller is
een leergierige en veelzijdige hond maar beslist niet de
makkelijkste. Het opvoeden en trainen van uw hond vergt
inzet, tijd en geduld en is niet binnen een paar maanden
gedaan.
Opvoeding
Een hond moet worden opgevoed, geen enkele hond wordt
braaf geboren. Een pup ontwikkelt zich razendsnel van jonge
hond naar volwassen dier. Elke fase heeft zijn eigen
aandachtspunten. Het is daarom goed om direct op cursus te
gaan als u uw hond in huis heeft. Op een puppycursus komt u
in contact met eigenaren van pups in dezelfde leeftijdsfase
met herkenbare verhalen. De instructeur zal u handvatten
geven in de omgang met uw puppy.
In Nederland vragen we nogal wat van een hond. Uw hond
mag uw schoenen niet gebruiken als speelgoed, mag niet aan
de stoelpoot knagen en hij mag niet binnen plassen. We
willen dat hij mee in de auto kan, mee een restaurant in,
mee op visite bij oma. We willen dat hij rustig is in de
winkelstraat, vriendelijk tegen vreemde mensen op straat en
dat hij niet van ze schrikt als ze hem plotseling over zijn
kop aaien. We willen dat hij niet aan de riem trekt en dat
hij een koekje rustig van u aanneemt, dat hij geen eten van
het aanrecht pakt en bij u komt als u hem roept. Om een hond
dit allemaal te leren is tijd en begeleiding nodig.
Honden die onopgevoed of druk zijn, of bang of agressief
reageren op hun omgeving hebben vaak een eenzaam leven in
het verschiet. Daar wordt geen hond gelukkig van. Er zijn in
heel Nederland vele hondenscholen/verenigingen waar u met uw
hond de basisdingen leert om samen op pad te kunnen gaan.
Krijgt u de smaak te pakken dan kunt u doorstromen naar
allerhande leuke hondensport- en spelen.
Honden en kinderen
Kinderen en honden “kunnen” elkaars beste vrienden zijn.
En inmiddels zijn er ook wetenschappelijke studies dat het
hebben van en zorgen voor een huisdier heel goed is voor de
ontwikkeling van een kind. Maar... kinderen zijn ook
relatief vaak het slachtoffer van een hondenbeet. Kinderen
zijn vaak zo dol op honden dat ze precies die dingen doen
die een hond niet echt prettig vindt: plotseling aaien, om
zijn nek hangen of aan zijn staart trekken. Houdt daarom bij
de omgang tussen kind en hond regels aan die het voor kind
en hond veiliger, plezieriger en leuker maken!
Kinderen en de eigen hond
Als u de hond aandacht of
iets lekkers geeft zal hij een positief verband leggen
tussen 'kind' en 'leuk'. U kunt bijvoorbeeld elke keer iets
lekkers geven als u gaat voeden of verschonen of de hond
meenemen als u met de kinderwagen gaat wandelen.
Honden leven al jarenlang
samen met mensen maar hun gedrag wordt voor een deel bepaald
door oerinstincten. Eten en een veilige ligplaats zijn zó
belangrijk, dat een hond alle op alles zal zetten om deze te
krijgen en te behouden. Kinderen hebben hier geen benul van
en steken zo hun hoofd in de voerbak om “mee te eten of
kruipen in zijn mand om hem welterusten te wensen. Zorg
ervoor dat de hond met rust gelaten wordt als hij aan het
eten is of in zijn mand ligt.
Een jong kind is zowel
fysiek als psychisch nog niet in staat om de baas te zijn
over een hond. Uitdagende spelletjes kunnen snel leiden tot
miscommunicatie met alle nare gevolgen van dien. U kunt uw
kinderen wel met de hond laten spelen door bijvoorbeeld een
zoekspelletje, waarbij het kind een brokje mag verstoppen
dat de hond mag zoeken. Beiden vinden het geweldig: voor de
hond is het niet bedreigend, voor het kind blijft de
situatie veilig en hierdoor krijgen ze een betere band. Maar
zorg dat contact tussen kind en hond altijd plaatsvindt
onder supervisie van een volwassene.
|
NIET DOEN
|
WEL DOEN |
|
Rondspringen en met de armen zwaaien.
|
Kalm langslopen. |
|
Zich bemoeien met de hond als die aan het
eten is.
|
De hond met rust laten als hij eet. |
|
Naar de hond toe kruipen. |
De hond naar het kind toe laten komen om
iets leuks te gaan doen.
|
|
Om de hals van de hond hangen.
|
Rustig aaien. |
Een vreemde hond op straat
Honden horen bij het leven en uw kind komt ze dan op veel
plaatsen tegen. In het park of bos, op de straat of bij de
hoek van de winkel. Net als met het verkeer, moeten kinderen
regels leren voor de omgang met vreemde honden op straat. Je
kunt honden leuk vinden of niet, ze horen nu eenmaal bij het
straatbeeld. U bewijst uw kind een grote dienst door hem te
leren omgaan met honden.
Leer uw kind nooit te gillen, hard te rennen en druk te
bewegen in de buurt van honden. Hoe harder een kind gilt en
rent, hoe meer het de aandacht trekt van honden.
Gelukkig zijn er vriendelijke en goed opgevoede honden. Veel
ouders laten hun kind dan ook elke hond op straat aaien.
Maar niet elke hond vindt het prettig om te worden
aangehaald. Overleg daarom eerst met de hondeneigenaar of uw
kind de hond mag aaien. Als de eigenaar aangeeft dat het
goed is creëer dan samen met de hondeneigenaar een rustige
situatie waarin hond en kind zich op hun gemak voelen.
|
NIET DOEN
|
WEL DOEN |
|
Een kind een vreemde hond zomaar laten aaien. |
Leer uw kind drie regels voor het aaien
van honden:
1.
Eerst aan je ouder of verzorger vragen (en als die
er niet is: niet aaien!)
2.
En
dan aan de eigenaar van de hond vragen (en als die
er niet is: niet aaien!)
3.
Als
je van allebei mag aaien, moet je het aan de hond
vragen: steek voorzichtig je hand uit en kijk of de
hond naar je toekomt. Doet de hond dat niet dan
heeft de hond er geen zin in en moet je hem met rust
laten. Komt de hond naar je uitgestoken hand toe,
kriebel hem dan rustig ONDER zijn kin of op zijn
borst. Aai hem niet over zijn kop, de meeste
honden vinden dat helemaal niet leuk.
|
|
Een kind bang maken voor honden.
|
Leer een hond om te gaan met honden.
|
|
Het kind laten gillen en wegrennen als er een
hond aankomt (hoe harder het gilt en rent, hoe meer
het de aandacht van de hond zal trekken).
|
Leer een (bang) kind rustig stil te staan
als er een hond aankomt, en de andere kant op te
kijken.
|
|
Het kind met zijn handjes naar de hond laten
slaan, of de handjes in de lucht laten steken.
|
Leer een kind om de handjes in de zak of
op de rug te houden (de meeste honden weten dat er
in handen vaak iets lekkers zit en zullen dus juist
daar op af gaan). Bij handjes op de rug zal een hond
er misschien even aan ruiken maar al snel zijn
interesse verliezen.
|
Doe ook
de Hond&Kennistest
Ga naar de site van die
hondenbescherming
www.hondenbescherming.nl
en klik links onder “hondeninformatie” op “hond&kennistest”.
Via deze test kunt u uw kennis over honden testen en
vergroten.
Een
betere kennis, met meer kennis!


SnuffelCollege
Overleg
ook eens met de school van uw kind voor het
organiseren/geven van een SnuffelCollege.
http://www.sophia-vereeniging.nl/nl/pages/help-mee/scholen/hond-klas.html
Met 1,9 miljoen honden is
de trouwe viervoeter niet meer weg te denken uit Nederland.
Toch is een goede, veilige omgang met honden niet
vanzelfsprekend. Elk jaar vinden er 150.000 hondenbeten
plaats, zo blijkt uit onderzoek van Wageningen University &
Research. Een derde van de slachtoffers, waarvan het
merendeel kinderen, meldt zich bij de huisarts of de
spoedeisende hulp. Een hondenbeet kan naast verminking een
levenslang psychisch trauma veroorzaken. De hond in kwestie
wordt vaak als onbetrouwbaar bestempeld en afgemaakt. Met
een hond in de klas is daar iets aan te doen.
Bij het Sophia
SnuffelCollege leren kinderen van 4 tot 8 jaar de
lichaamstaal van honden begrijpen en er op een goede manier
op te reageren. Zo kunnen ze op een veilige en respectvolle
manier met honden omgaan. Ook wordt de kans op een
hondenbeet aanzienlijk kleiner.
SnuffelColleges
In de eerste les laat de
SnuffelVrijwilliger de kinderen kennismaken met een handpop.
Tijdens de tweede en derde les komt er een hond in de klas
en wordt de theorie in praktijk gebracht. Hoe zie je of een
hond boos is, of verdrietig? Wanneer mag je een hond aaien
en wanneer kun je hem beter met rust laten? Spelenderwijs
worden de belangrijkste regels voor de omgang met honden
uitgelegd. Iedereen die dat wil, mag oefenen met aaien,
borstelen en brokjes geven. Na afloop van de lessenreeks
krijgen alle kinderen een SnuffelDiploma en een werkboekje
met spelletjes en informatie voor de ouders.
Hond in
de klas
Om de veiligheid van de
kinderen te garanderen, legt iedere SnuffelHond de Sophia
SnuffelCollege Hondengedragstest af. Deze test is specifiek
gericht op de zeer strenge voorwaarden die de aanwezigheid
van een hond in een klaslokaal vereisen. Zo moet de hond
gehoorzaam en kindvriendelijk zijn, maar ook lawaai en
plotselinge geluiden goed kunnen verdragen. Alle
SnuffelHonden hebben een uitstekende vertrouwensband met hun
baasjes. Zij worden speciaal opgeleid om als
SnuffelVrijwilliger voor de klas te staan.
Het Sophia SnuffelCollege
kan op iedere basisschool in Nederland verzorgd worden. De
drie lessen zijn specifiek gericht op kinderen van groep 1
t/m 4 en duren elk 30 tot 45 minuten. De exacte data worden
afgesproken met de betreffende SnuffelVrijwilliger. De
voorkeur gaat daarbij uit naar een les per week. Wilt u ook
een hond in de klas op uw school of de school van uw kind?
Vul dan het aanmeldingsformulier op de website in. U wordt
zo spoedig in contact gebracht met een SnuffelVrijwilliger
bij u in de buurt die het Sophia SnuffelCollege kan
verzorgen.
Aan het Sophia
SnuffelCollege zijn voor basisscholen geen kosten verbonden.
Zo zijn de lessen voor ieder kind toegankelijk.
Neem ook een kijkje op
http://www.blauwe-hond.nl/
De Blauwe Hond is
een interactief computerspel op cd-rom en ontworpen
voor kinderen in de leeftijd van 3 tot 6 jaar en hun
(groot)ouders. Doel van het Blauwe Hond project is kinderen
en hun ouders te leren hoe ze veilig met hun hond kunnen
omgaan in een thuissituatie.