De NSDTR Club
Home
Inhoudsopgave
Het Bestuur
Contact personen
Statuten
Huishoudelijk reglement
Lidmaatschap
Club Agenda
Formulieren
Jacht (JPC)info
Clubmatch(KCM)  
Toller Tales
Thema foto's
Van onze leden 
Clubwinkel
Vacature-online
Fokker/pupinfo
Aanschaf
Nest informatie 
Fokkerslijst
Info voor fokkers
Fokreglement
Certificering
Waarde Stamboom
Statistieken
Herplaatsing
De Toller
Rasstandaard
Geschiedenis 
Karakter
Gezondheid
Verzorging
Overlijden melden
Fotoalbum
Video
Overige Info
Raad van Beheer
Showkalender
Wedstrijdkalender
Werkresultaten
Prikbord
Logeeradres
Literatuur/links

 Hondeninformatie kind-hond

 
 
In de afgelopen periode zijn wij helaas geconfronteerd met een aantal honden voor de herplaatsing. Oorzaken lagen in gebrek aan tijd, opvoeding en in feit dat de hond een kind heeft gebeten.

In onze folder, flyer en bij het Tollerinformatiepunt wordt vermeld dat een Toller net als andere honden NIET sociaal, lief en gehoorzaam wordt geboren, de fokker én moederhond hebben het eerste aandeel hierin. Daarna is het aan u als eigenaar om de hond op te voeden en te trainen. U start met de puppycursus en gaat daarna verder met de vervolgcursussen, bedenk dat u dit ook moet doen als het regent, vriest of warm is. Met een hond bent u eigenlijk nooit klaar met opvoeden en trainen. Trainingen volgen kunt u met veel plezier zijn hele leven volhouden, een Toller is een leergierige en veelzijdige hond maar beslist niet de makkelijkste. Het opvoeden en trainen van uw hond vergt inzet, tijd en geduld en is niet binnen een paar maanden gedaan.

Opvoeding

Een hond moet worden opgevoed, geen enkele hond wordt braaf geboren. Een pup ontwikkelt zich razendsnel van jonge hond naar volwassen dier. Elke fase heeft zijn eigen aandachtspunten. Het is daarom goed om direct op cursus te gaan als u uw hond in huis heeft. Op een puppycursus komt u in contact met eigenaren van pups in dezelfde leeftijdsfase met herkenbare verhalen. De instructeur zal u handvatten geven in de omgang met uw puppy.

In Nederland vragen we nogal wat van een hond. Uw hond mag uw schoenen niet gebruiken als speelgoed, mag niet aan de stoelpoot knagen en hij mag niet binnen plassen. We willen dat hij mee in de auto kan, mee een restaurant in, mee op visite bij oma. We willen dat hij rustig is in de winkelstraat, vriendelijk tegen vreemde mensen op straat en dat hij niet van ze schrikt als ze hem plotseling over zijn kop aaien. We willen dat hij niet aan de riem trekt en dat hij een koekje rustig van u aanneemt, dat hij geen eten van het aanrecht pakt en bij u komt als u hem roept. Om een hond dit allemaal te leren is tijd en begeleiding nodig.

Honden die onopgevoed of druk zijn, of bang of agressief reageren op hun omgeving hebben vaak een eenzaam leven in het verschiet. Daar wordt geen hond gelukkig van. Er zijn in heel Nederland vele hondenscholen/verenigingen waar u met uw hond de basisdingen leert om samen op pad te kunnen gaan. Krijgt u de smaak te pakken dan kunt u doorstromen naar allerhande leuke hondensport- en spelen.

Honden en kinderen

Kinderen en honden “kunnen” elkaars beste vrienden zijn. En inmiddels zijn er ook wetenschappelijke studies dat het hebben van en zorgen voor een huisdier heel goed is voor de ontwikkeling van een kind. Maar... kinderen zijn ook relatief vaak het slachtoffer van een hondenbeet. Kinderen zijn vaak zo dol op honden dat ze precies die dingen doen die een hond niet echt prettig vindt: plotseling aaien, om zijn nek hangen of aan zijn staart trekken. Houdt daarom bij de omgang tussen kind en hond regels aan die het voor kind en hond veiliger, plezieriger en leuker maken!

Kinderen en de eigen hond

  •        Zorg dat de hond het kind leuk vindt.

Als u de hond aandacht of iets lekkers geeft zal hij een positief verband leggen tussen 'kind' en 'leuk'. U kunt bijvoorbeeld elke keer iets lekkers geven als u gaat voeden of verschonen of de hond meenemen als u met de kinderwagen gaat wandelen.

  •        Leer het kind om de hond te respecteren

Honden leven al jarenlang samen met mensen maar hun gedrag wordt voor een deel bepaald door oerinstincten. Eten en een veilige ligplaats zijn zó belangrijk, dat een hond alle op alles zal zetten om deze te krijgen en te behouden. Kinderen hebben hier geen benul van en steken zo hun hoofd in de voerbak om “mee te eten of kruipen in zijn mand om hem welterusten te wensen. Zorg ervoor dat de hond met rust gelaten wordt als hij aan het eten is of in zijn mand ligt.

  •        Laat een kind de hond niet uitdagen of commanderen

Een jong kind is zowel fysiek als psychisch nog niet in staat om de baas te zijn over een hond. Uitdagende spelletjes kunnen snel leiden tot miscommunicatie met alle nare gevolgen van dien. U kunt uw kinderen wel met de hond  laten spelen door bijvoorbeeld een zoekspelletje, waarbij het kind een brokje mag verstoppen dat de hond mag zoeken. Beiden vinden het geweldig: voor de hond is het niet bedreigend, voor het kind blijft de situatie veilig en hierdoor krijgen ze een betere band. Maar zorg dat contact tussen kind en hond altijd plaatsvindt onder supervisie van een volwassene.

NIET DOEN

 

WEL DOEN

Rondspringen en met de armen zwaaien.

 

Kalm langslopen.

Zich bemoeien met de hond als die aan het eten is.

 

De hond met rust laten als hij eet.

Naar de hond toe kruipen.

De hond naar het kind toe laten komen om iets leuks te gaan doen.

 

Om de hals van de hond hangen.

 

Rustig aaien.

Een vreemde hond op straat

Honden horen bij het leven en uw kind komt ze dan op veel plaatsen tegen. In het park of bos, op de straat of bij de hoek van de winkel. Net als met het verkeer, moeten kinderen regels leren voor de omgang met vreemde honden op straat. Je kunt honden leuk vinden of niet, ze horen nu eenmaal bij het straatbeeld. U bewijst uw kind een grote dienst door hem te leren omgaan met honden.
Leer uw kind nooit te gillen, hard te rennen en druk te bewegen in de buurt van honden. Hoe harder een kind gilt en rent, hoe meer het de aandacht trekt van honden.
Gelukkig zijn er vriendelijke en goed opgevoede honden. Veel ouders laten hun kind dan ook elke hond op straat aaien. Maar niet elke hond vindt het prettig om te worden aangehaald. Overleg daarom eerst met de hondeneigenaar of uw kind de hond mag aaien. Als de eigenaar aangeeft dat het goed is creëer dan samen met de hondeneigenaar een rustige situatie waarin hond en kind zich op hun gemak voelen.

NIET DOEN

 

WEL DOEN

Een kind een vreemde hond zomaar laten aaien.

Leer uw kind drie regels voor het aaien van honden:

1.  Eerst aan je ouder of verzorger vragen (en als die er niet is: niet aaien!)

2.  En dan aan de eigenaar van de hond vragen (en als die er niet is: niet aaien!)

3.  Als je van allebei mag aaien, moet je het aan de hond vragen: steek voorzichtig je hand uit en kijk of de hond naar je toekomt. Doet de hond dat niet dan heeft de hond er geen zin in en moet je hem met rust laten. Komt de hond naar je uitgestoken hand toe, kriebel hem dan rustig ONDER zijn kin of op zijn borst. Aai hem niet over zijn kop, de meeste honden vinden dat helemaal niet leuk.

 

Een kind bang maken voor honden.

 

Leer een hond om te gaan met honden.

 

Het kind laten gillen en wegrennen als er een hond aankomt (hoe harder het gilt en rent, hoe meer het de aandacht van de hond zal trekken).

 

Leer een (bang) kind rustig stil te staan als er een hond aankomt, en de andere kant op te kijken.

 

Het kind met zijn handjes naar de hond laten slaan, of de handjes in de lucht laten steken.

 

Leer een kind om de handjes in de zak of op de rug te houden (de meeste honden weten dat er in handen vaak iets lekkers zit en zullen dus juist daar op af gaan). Bij handjes op de rug zal een hond er misschien even aan ruiken maar al snel zijn interesse verliezen.

 

Doe ook de Hond&Kennistest

Ga naar de site van die hondenbescherming www.hondenbescherming.nl en klik links onder “hondeninformatie” op “hond&kennistest”. Via deze test kunt u uw kennis over honden testen en vergroten.

Een betere kennis, met meer kennis!

SnuffelCollege

Overleg ook eens met de school van uw kind voor het organiseren/geven van een SnuffelCollege. http://www.sophia-vereeniging.nl/nl/pages/help-mee/scholen/hond-klas.html

Met 1,9 miljoen honden is de trouwe viervoeter niet meer weg te denken uit Nederland. Toch is een goede, veilige omgang met honden niet vanzelfsprekend. Elk jaar vinden er 150.000 hondenbeten plaats, zo blijkt uit onderzoek van Wageningen University & Research. Een derde van de slachtoffers, waarvan het merendeel kinderen, meldt zich bij de huisarts of de spoedeisende hulp. Een hondenbeet kan naast verminking een levenslang psychisch trauma veroorzaken. De hond in kwestie wordt vaak als onbetrouwbaar bestempeld en afgemaakt. Met een hond in de klas is daar iets aan te doen.

Bij het Sophia SnuffelCollege leren kinderen van 4 tot 8 jaar de lichaamstaal van honden begrijpen en er op een goede manier op te reageren. Zo kunnen ze op een veilige en respectvolle manier met honden omgaan. Ook wordt de kans op een hondenbeet aanzienlijk kleiner.

SnuffelColleges

In de eerste les laat de SnuffelVrijwilliger de kinderen kennismaken met een handpop. Tijdens de tweede en derde les komt er een hond in de klas en wordt de theorie in praktijk gebracht. Hoe zie je of een hond boos is, of verdrietig? Wanneer mag je een hond aaien en wanneer kun je hem beter met rust laten? Spelenderwijs worden de belangrijkste regels voor de omgang met honden uitgelegd. Iedereen die dat wil, mag oefenen met aaien, borstelen en brokjes geven. Na afloop van de lessenreeks krijgen alle kinderen een SnuffelDiploma en een werkboekje met spelletjes en informatie voor de ouders.

Hond in de klas

Om de veiligheid van de kinderen te garanderen, legt iedere SnuffelHond de Sophia SnuffelCollege Hondengedragstest af. Deze test is specifiek gericht op de zeer strenge voorwaarden die de aanwezigheid van een hond in een klaslokaal vereisen. Zo moet de hond gehoorzaam en kindvriendelijk zijn, maar ook lawaai en plotselinge geluiden goed kunnen verdragen. Alle SnuffelHonden hebben een uitstekende vertrouwensband met hun baasjes. Zij worden speciaal opgeleid om als SnuffelVrijwilliger voor de klas te staan.

Het Sophia SnuffelCollege kan op iedere basisschool in Nederland verzorgd worden. De drie lessen zijn specifiek gericht op kinderen van groep 1 t/m 4 en duren elk 30 tot 45 minuten. De exacte data worden afgesproken met de betreffende SnuffelVrijwilliger. De voorkeur gaat daarbij uit naar een les per week. Wilt u ook een hond in de klas op uw school of de school van uw kind? Vul dan het aanmeldingsformulier op de website in. U wordt zo spoedig in contact gebracht met een SnuffelVrijwilliger bij u in de buurt die het Sophia SnuffelCollege kan verzorgen.

Aan het Sophia SnuffelCollege zijn voor basisscholen geen kosten verbonden. Zo zijn de lessen voor ieder kind toegankelijk.

Neem ook een kijkje op http://www.blauwe-hond.nl/

De Blauwe Hond is een interactief computerspel op cd-rom en ontworpen voor kinderen in de leeftijd van 3 tot 6 jaar en hun (groot)ouders. Doel van het Blauwe Hond project is kinderen en hun ouders te leren hoe ze veilig met hun hond kunnen omgaan in een thuissituatie.

 


 


Info
 
 
Wat is en doet  een KC