|
|
 |
 |
 |
 |
 |
MDR 1 GENDEFECT
|
|
|
|
MEDICIJNOVERGEVOELIGHEID BIJ COLLIES EN AANVERWANTE RASSEN
INLEIDING
Het is al ruim twintig jaar bekend dat er bij collies en
aanverwante rassen een overgevoeligheid voor bepaalde
geneesmiddelen voorkomt. Het middel ivermectine, dat ingezet
wordt bij de bestrijding van wormen en andere parasitaire
infecties, is in deze berucht. Bij honden met een
overgevoeligheid voor dit middel kunnen na toediening
vergiftigingsverschijnselen, die vooral betrekking hebben op het
zenuwstelsel, ontstaan. De honden kunnen toevallen met
spierkrampen krijgen, ze kunnen bewusteloos en zelfs in coma
raken. De hartslag kan vertragen met als gevolg zuurstofgebrek
en een daling van de lichaamstemperatuur. Daarnaast kunnen de
dieren gaan speekselen, braken of diarree krijgen. Helaas is het
al meerdere malen voorgekomen dat een dier overlijdt, na de
toediening van een ‘simpel’ ontwormingsmiddel (met daarin de
stof ivermectine).
Uit onderzoek is naar voren gekomen binnen welke hondenrassen
deze overgevoeligheid voorkomt en dat het een erfelijke
aandoening is. Helaas is ivermectine niet het enige middel
waarvoor de overgevoeligheid bestaat. Daarnaast is er een
DNA-test beschikbaar waarmee op voorhand kan worden vastgesteld
welke honden in de problemen kunnen komen bij de toediening van
bepaalde medicijnen. Dit is niet alleen voor de betreffende
hond, eigenaar en hun dierenarts zeer belangrijke informatie,
ook voor fokkers is dit een doorbraak omdat ze nu bij het fokken
van honden kunnen gaan selecteren op dieren die niet aan
medicijnovergevoeligheid lijden.
RASSEN DIE RISICO’S LOPEN
Aanvankelijk werd de medicijnovergevoeligheid vooral beschreven
als een probleem bij Collies. Intussen weten we dat niet alleen
Collies aangedaan zijn met het gendefect. De rassen waarbij het
gendefect in meer of mindere mate voorkomt zijn:
Australian Cattle Dog
Australian Shepherd
Briard
Collies
Duitse Pinscher
Herdershond
Langharige Whippets
McNab Hond
Nova Scotia Duck Tolling Retriever
Old English Sheepdog
Sheltie
Windhond
Note : Voor de Nova Scotia Duck
Tolling Retriever is de test in 2008 vrijgegeven op basis van
web-informatie. Sindsdien zijn er slechts enkele Nova Scotia
Duck Tolling Retriever onderzocht voor MDR1, deze aantallen zijn
niet voldoende om een verantwoorde conclusie mogelijk te maken.
Bij de fokadviescommissie zijn tot nu toe geen MDR1 dragers of
lijders bekent.
MEDICIJNEN DIE PROBLEMEN KUNNEN VEROORZAKEN
Ivermectine is het meest
beruchte medicijn, maar er zijn meer medicijnen beschreven die
problemen kunnen veroorzaken bij de bovengenoemde rassen:
|
Klasse A |
Gebruik deze medicijnen niet voor honden met MDR1 gen
defect |
Ivermectine stoffen "Tegen
parasieten zoals wormen, mijten en luizen":
(Diapec®, Ecomectin®, Equimax®, Eqvalan®, Ivomec®,
Noromectin®, Paramectin®, Qualimec®, Sumex®, Virbamec®)
Doramectine
stoffen "Tegen parasieten zoals
wormen, mijten en luizen":
(Dectomax ®)
Loperamide stoffen "Ter bestrijding
van diarree":(Imodium
®)
Moxidectine stoffen "Tegen
parasieten zoals wormen, mijten en luizen"
(Cydectin ®, erzoek ®)
(Flagyl) de werkzame
stof in Flagyl is metronidazol.
|
|
Klasse B |
Gebruik alleen onder nauw toezicht van dierenarts |
Cytostatica "Chemotherapie": (Vinblastine,
Vincristine, Doxorubicine, Paclitaxel, Docetaxel,
Methotrexat, Vincristine) Immunosuppressieve:
Ter onderdrukking van de werking van het immuunsysteem
(Cyclosporine A)
Glucosiden (heterosiden):" Ter versterking van de
hartfunctie" (Digoxine,
Methyldigoxine)
Ter bestrijding van
hartritmestoornissen (Verapamil,
Diltiazem, Chinidine)
Opiaten: (Morphium)
Ter bestrijding van misselijkheid en braken
(Ondansetron, Domperidon,
Metoclopramide )
Ter onderdrukking van allergische reacties
(Ebastine)
Celgroeiremmers, remming groei van tumoren
(Vincristine, Vinblastine en Doxorubicine)
Glucocorticoide: "Ontstekingsremmer, remt
allergische reacties" (Dexamethason)
Antibiotica, ter bestrijding van bacteriele infecties:
(Sparfloxacin, Grepafloxacin,
Erythromycin)
Acepromazine (kalmeringsmiddel en pre-anesthetic
agent) *
Butorfanol "pijnstillende en pre-anesthetic agent" *
Andere medicijnen:
Etoposide, Mitoxantrone, Paclitaxel, rifampicine
|
|
Klasse C |
Kan alleen worden gebruikt in de
toegestane vorm en dosis! |
Selamectin
(Stronghold®), Milbemax® en Advocate® . |
|
* Bij honden met de MDR1 mutatie, neigen
acepromazine en Butorfanol
een meer diepgaande en langdurige sedatie te
veroorzaken. Het wordt aanbevolen om de dosis met 25% te
verminderen voor honden die de MDR1 mutatie heterozygoot
dragen (MDR1 / N) en met 30-50% bij honden die de MDR1
mutatie homozygoot dragen (MDR1 / MDR1). |
We moeten aannemen dat deze rij geneesmiddelen nog niet volledig
is en dat er in de loop van de tijd meer medicijnen aan
toegevoegd zullen worden
HET MDR1 GEN
Honden met een overgevoeligheid voor bovengenoemde medicijnen
hebben een defect in het DNA in het zogenaamde Multi Drug
Resistence 1 gen (MDR1-gen). Het MDR1-gen zorgt voor de
productie van P-glycoproteine, een stof die ervoor moet zorgen
dat allerlei toxische stoffen slechts in geringe concentraties
in de hersencellen kunnen voorkomen. Honden met een MDR1
gendefect kunnen de stof P-glycoproteine niet maken, waardoor
bepaalde stoffen (in ieder geval de bovenstaande medicijnen)
niet uit de hersencellen geweerd kunnen worden. Hierdoor wordt
de concentratie van deze stoffen in de hersencellen zo hoog dat
ze giftig kunnen worden en voor problemen zorgen.
DNA TESTEN
DNA testen voor MDR1 zijn bij verschillende laboratoria
beschikbaar om vast te stellen of het MDR1-defect aanwezig is:
Hier onder enkele opties.
Dr. Van Haeringen Laboratorium Wageningen.
Voor dit onderzoek worden de volgende materialen geaccepteerd:
Sperma, Bloed (EDTA), Bloed (Heparine), Weefsel, Swab.
meer info via
http://www.vhlgenetics.com/vhl
Laboklin.
Hiervoor moet bloed afgenomen worden door de dierenarts (1 ml
EDTA bloed), of via Swab dat vervolgens samen met een aantal
gegevens van de hond voor onderzoek.
meer info via:
http://www.laboklin.de
UITSLAG VAN DE TEST
Elke hond beschikt op het MDR1 gen over twee MDR1-allelen, één
is afkomstig van de moeder en één van de vader. De testuitslag
kan dus drie verschillende uitkomsten bevatten:
Gezond: twee normale MDR1 allelen (N/N):
Bij de keuze van geneesmiddelen hoeft geen bijzondere
voorzichtigheid in acht genomen te worden en kunnen
bovengenoemde medicijnen zonder een verhoogde kans op problemen
toegediend krijgen. Ongewenste bijwerkingen van geneesmiddelen,
zoals die voor elk dier gelden, kunnen natuurlijk niet
uitgesloten worden.
Drager: een normaal en een defect MDR1 allel (MDR1/N):
Drager van een defect MDR1 allel. Deze dieren kunnen de
medicijnovergevoeligheid wel doorgeven aan hun nakomelingen,
maar hebben zelf zeer waarschijnlijk geen last van
medicijnovergevoeligheid. Ongewenste bijwerkingen van
geneesmiddelen, zoals die voor elk dier gelden, kunnen
natuurlijk niet uitgesloten worden.
Lijder: twee defecte MDR1 allelen (MDR1/MDR1):
Deze dieren hebben een overgevoeligheid voor bovengenoemde
medicijnen en misschien voor nog wel meer medicijnen. Deze
middelen moeten bij deze dieren dus zeker niet toegepast worden.
Ze geven het defecte allel zeker door aan hun nakomelingen.
Hierbij moet de kanttekening gemaakt worden dat deze dieren voor
het overige, voor zover nu bekend, volkomen normaal
functionerende dieren zijn
FOKBELEID
Nu lijkt het in het kader van het fokkerijbeleid logisch om
lijders en dragers uit te sluiten van de fok en alleen te fokken
met dieren die over twee normale MDR1 allelen beschikken. Dit is
helaas bij een aantal rassen geen optie, omdat we dan ook de
positieve eigenschappen van een meer of minder grote groep
dieren 'weggooien'. Dit kan schadelijk zijn voor een ras omdat
er te veel van de beschikbare erfelijke variatie verloren zou
gaan.
Wel kan er door de mogelijkheid om via een test de MDR1-status
van een dier vast te stellen een plan van aanpak gemaakt worden
met betrekking tot de fokkerij. In eerste instantie is het al
heel belangrijk dat er kan worden voorkomen dat er lijders (- /
-) geboren worden. Daarna zal langzaam overgegaan kunnen worden
tot vermindering van het aantal dragers om zo het ongewenste
allel uit de populatie te verwijderen, zonder dat daarbij andere
belangrijke kenmerken van een ras verloren gaan.
Note : Voor de Nova Scotia Duck
Tolling Retriever zijn er nog geen regels vastgesteld in het
fokbeleid omdat er slechts enkele Nova Scotia
Duck Tolling Retriever zijn onderzocht voor MDR1, deze aantallen zijn
niet voldoende om een verantwoorde conclusie mogelijk te maken.
Bij de fokadviescommissie zijn tot nu toe geen MDR1 dragers of
lijders bekent.
|
|
|
 |
 |
 |
 |
|
 |
 |
 |
 |
|
meldformulier ziekte,afwijkingen en overlijden
|
|
|
 |
 |
 |
 |
|