De NSDTR Club
Home
Inhoudsopgave
Het Bestuur
Contact personen
Statuten
Huishoudelijk reglement
Lidmaatschap
Club Agenda
Formulieren
Jacht (JPC)info
Clubmatch(KCM)  
Toller Tales
Thema foto's
Van onze leden 
Clubwinkel
Vacature-online
JPC activiteiten
Diplomadagen
Tollerwerkdag
Clubdiplomadag
Workingtest
M.A.P
Diploma behaald !
KNJV-proevendag
Wedstrijdkalender
Jachttraining
Retrievertest
Zweetwerk
Mooi Apport
Zwemmen
De Toller
Rasstandaard
Geschiedenis 
Karakter
Gezondheid
Verzorging
Overlijden melden
Fotoalbum
Video
Overige Info
Raad van Beheer
Showkalender
Wedstrijdkalender
Werkresultaten
Prikbord
Logeeradres
Literatuur/links

Mooi apport 

 
 


Op 16 juni, Cindy's verjaardag, mochten we weer in Den Hout aantreden voor een werkproef. Nadat we ons nummer, de catalogus en het programma hadden opgehaald was het tijd om de proeven door te nemen. Bij het doorlezen van proef B kon ik een déjà vu gevoel niet onderdrukken. De proeven waren deze keer bedacht door Martin Verbruggen, keurmeester bij, en medeoprichter van de apporteersportcompetitie bij de FHN. Daarnaast heeft Martin samen met Brigitte Peeters de honden-school Exarcio. Vanuit deze hondenschool organiseren zij een aantal keer per jaar een hondenvakantie naar Zwitserland of Oostenrijk. Op deze vakanties wordt dagelijks gewandeld in de bergen. Tijdens deze wandelingen wordt ook getraind met de honden, hoofdzakelijk apporteren. Op een paar avonden wordt er ook theorie gegeven.

In mei zijn Cindy en ik op één van deze reizen mee geweest. Omdat 's avonds de theorie van het apporteren zou worden behandeld, wilde Martin tijdens de wandeling op donderdag ook een dirigeerapport laten zien. Tijdens de wandeling passeerde we een rustig voortkabbelend beekje van smeltwater, wat in Martin's fantasie een woeste, snelstromende rivier werd. Aan de overkant was een apport terecht gekomen. Omdat het niet verantwoord was om de hond over de "woeste, snelstromende rivier" te sturen moest de hond via de brug naar de overkant worden gedirigeerd. Cindy en ik mochten het spits afbijten. Nadat ook Brigitte Floyd en Martin Jason naar het apport hadden gedirigeerd kreeg de rest nog een oefeningetje in de beginselen van het dirigeren, waarna we de wandeling vervolgde. Blijkbaar zat Martin tijdens het bedenken van de proeven nog na te genieten van de vakantie, want proef B luide:

De Brug...: hindernis, markeren en onthouden
Je bent op een jacht in het prachtige ruige Zwitserse landschap. Je staat op post en kijkt uit op een dal waar een woeste, snelstromende rivier doorheen loopt. Als er een schot valt, zie je een prachtige fazant sneuvelen. Hij valt echter aan de andere kant van de rivier. Het is aan jou om die fazant binnen te halen. de rivier is echter te gevaarlijk om je hond doorheen te sturen. Gelukkig is een eind verderop een brug.

Martin tijdens theorie apporteerwerk

Omdat het terrein in Den Hout niet beschikt over een rivier, en zeker geen woeste, snelstromende, was de schutting van de behendigheid over het hek van het puppyveld gezet. De enige toegang tot het puppyveld was de schutting. De A0 en A-honden mochten hun honden naar de schutting brengen om hem van daaruit in te zetten. De B-honden moesten vanaf ongeveer 20 meter over de schutting worden gestuurd. De C-honden werden haaks op de schutting ingezet en moesten via een zitpunt over de schutting worden gedirigeerd. De dummy werd zichtbaar voor de hond in het puppyveld gegooid. Duidelijk was dat honden waar (ook) behendigheid mee werd gedaan in het voordeel waren. Deze honden namen de schutting zonder probleem, terwijl niet-behendigheid-honden duidelijk moeite hadden met dat rare, felgekleurde ding.
In september zullen we weer met Exarcio meegaan, maar dan naar Oostenrijk. Ik ben benieuwd of we volgend jaar tijdens een werkproef weer een déjà vu zullen beleven.

Ook voor de overige proeven had Martin zijn fantasie behoorlijk laten werken:

De jas…: Appèl en apport
De jacht is nog in volle gang. Toch besluit de voorjager zich met zijn hond reeds klaar te maken om naar huis te gaan. Hij verzamelt zijn spullen (tas en jas) en legt die over zijn schouder. Terwijl de voorjager van zijn post (pylon A) richting verzamelplaats (pylon B) wandelt, vallen er links en rechts van hem nog twee eenden. Onverstoorbaar lopen ze verder.

 

Puppy sticker vond "de brug een mooi plekje om alle indrukken te verwerken

Deze proef werd aan het einde van de dag gehouden, toen donkere wolken zich samenpakte en in de verte het gerommel van onweer hoorbaar was. In een poging de regen en het onweer voor te blijven besloot de KM de proef voor de B en C-honden wat aan te passen en in te korten. De A0 en A-honden moesten, aangekomen bij pylon B teruglopen naar pylon C, die tussen pylon A en B lag en van daaruit beide apporten door de hond laten ophalen. De B-honden moesten, terwijl het al behoorlijk regende, vanuit pylon B terug lopen naar pylon A om van daaruit de hond het eerst gegooide apport te laten apporteren. Helaas lukte het niet het onweer voor te blijven en halverwege werd de proef dan ook stil gelegd.

De C-honden moesten worden achtergelaten bij pylon B terwijl de voorjager terug liep naar pylon A. Van daaruit moest de hond terug worden geroepen en bij pylon C worden afgestopt om van daaruit naar de rechter dummy te worden gedirigeerd. Nadat de eerste dummy binnen was mocht de hond op het tweede apport worden ingezet. Tijdens de eerste poging van Cindy en mij weigerde het alarmpistool van één van de twee helpers. Omdat het allemaal te lang duurde wierp de tweede helper zijn dummy met eendenlokfluit. Precies op dat moment deed het pistool het weer, zodat ook de eerste helper zijn dummy gooide. Het kwam er op neer dat noch Cindy, noch ik één van de twee dummy's goed had gemarkeerd. Nadat ik Cindy netjes bij pylon C had afgestopt dirigeerde ik haar naar de plek waar ik dacht dat de eerste dummy (met schot) was gevallen. Van de KM kreeg ik te horen dat dit niet de valplek was, waarop ik besloot Cindy terug te roepen. De KM was het met mij eens dat de proef, door het weigeren van het pistool, niet was gegaan zoals bedoeld en stond het toe dat wij, nadat de andere C-honden de proef hadden gelopen, de proef opnieuw zouden doen. Uiteindelijk verlieten we deze proef met 14 punten.

Afspraakje…: postgedrag, markeren, onthouden en appèl
Samen met een collega sta je op post. Je hebt afgesproken om netjes op je beurt te wachten en om beurten te werken. Er wordt op duiven geschoten. Als er weer twee duiven zijn gevallen krijgen de voorjagers meteen toestemming om ze te halen. Beide duiven zijn door beide honden gemarkeerd. Elke hond haalt één apport op, waarna de honden nogmaals in omgekeerde volgorde mogen.

De A0 en A-honden mochten de dummy's in willekeurige volgorde halen. De eerste hond had dus keuze, de tweede hond moest het andere apport binnen brengen. De B-honden hadden wel een verplichte volgorde. Eerst moest de dummy die als eerste was geworpen worden binnengebracht. Deze was recht voor de hond gevallen. De C-honden hadden ook een verplichte volgorde, alleen hier moest eerst het apport worden binnengebracht dat aan de andere kant was gevallen. Zij moesten dus diagonaal apporteren.

De eerste zal de laatste zijn…: drijfjacht, appèl en apport
Op een drijfjacht worden we verzocht mee re drijven. We gaan in linie door het terrein en jagen het wild op door met stokken op het gras te slaan.

Er werd gewerkt in groepen van 4 of 5 honden. Tijdens het drijven werd volop geschoten en met dummy's gegooid. Deze moesten uiteraard worden gerespecteerd. Na het drijven mochten de A0 en A-honden achter de inzetplaats naast hun baasje, uiteraard rustig, wachten totdat ze werden ingezet. De B-honden moesten opzij worden weggelegd. De voorjager die aan de beurt was mocht zijn hond gaan halen. De C-honden moesten ook opzij worden weggelegd, maar de voorjager die aan de beurt was moest zijn hond voorroepen naar het inzetpunt. Van de overige honden werd verwacht dat zij rustig wachtte tot zij aan de beurt waren. Er werd twee keer geapporteerd, waarbij de hond die in de eerste ronde het laatste aan de beurt was in de tweede ronde als eerste mocht.

In België…: waterwerk, markeren, onthouden en zoeken
Je bent op jacht in België. Je bent al gewaarschuwd goed op te letten, maar het overkomt je toch. Je wilt net je hond laten drinken en afkoelen in het water als er van redelijk dichtbij een schot valt. Een eend valt in het water. Je reageert adequaat en snelt samen met je hond terug naar de schuilhut. Terwijl je terug rent wordt er nog een konijn geschoten, precies op de plaats waar je net stond. Verderop in het veld wordt nog een haas geschoten. Deze kan netjes worden gemarkeerd. Aangekomen in de schuilhut wordt je gevraagd de apporten netjes te laten binnenbrengen.


Het konijn was niet dood en liep nog een stukje door. Ook de haas was niet morsdood. De A0 en A-honden mochten de apporten echter in vrije volgorde binnenbrengen. De B-honden kregen de opdracht eerst de haas binnen te halen, het geweer dacht namelijk dat het konijn wel morsdood was. Bij de C-honden lette het geweer beter op, zij moesten eerst het konijn, daarna de haas en tot slot de eend binnenbrengen. Een pittige proef waar de hele dag voor was uitgetrokken. Ik kreeg Cindy redelijk op de sleep. Helaas stond de helper halverwege even op om zijn aansteker te pakken, waarop Cindy blokkeerde. Met mijn hulp zijn alle apporten uiteindelijk toch binnen gekomen.

Al met al kijk ik niet ontevreden terug op deze werkproef. De proeven waren leuk bedacht en vormden hier en daar een echte uitdaging. Ook over het werk van Cindy was ik, ondanks een aantal haperingetjes, tevreden. We hebben nog een hoop te trainen, maar ze is nog jong. De 16de werd ze 4 jaar, dus nog genoeg tijd om te verbeteren.
 

Jos en Cindy

 

Naast diplomadagen met vast omschreven proeven worden ook werkproeven georganiseerd. Bij de KNJV worden werkproeven (MAP's) georganiseerd voor honden met een B of een A diploma. Jachtproevencommissies organiseren ook proeven (workingtests) voor honden met een C-diploma. Bij de FHN hoeft de hond nog geen diploma te hebben om deel te nemen aan een werkproef, de enige voorwaarde is dat de combinatie ten minste één keer heeft deelgenomen aan een diplomadag.

Een werkproef bestaat uit 5 verschillende proeven waarin de verschillende onderdelen (markeren, onthouden, verloren apport, waterwerk, steadiness ed.) van de apporteersport zijn verwerkt. Iedere proef bestaat meestal uit meerdere apporten. De zwaarte van de proeven worden aangepast aan het niveau waarop de hond zijn diploma('s) heeft. De proeven worden op de wedstrijddag pas bekend gemaakt aan de deelnemers. Het is dus altijd weer afwachten wat de organisator heeft bedacht.

Op 1e paasdag had de FHN de eerste werkproef van het jaar georganiseerd in Hellevoetsluis. Omdat we de dag ervoor ook al een workingtest bij de Flatcoated Retrieverclub hadden gelopen, verliep de dag voor ons niet zo best, Cindy was een beetje moe. Dit neemt echter niet weg dat er een aantal leuke proeven waren uitgedacht. Een paar van de proeven zal ik hieronder behandelen.

Komen met verleiding en apporteren
U laat uw hond op de aangewezen plaats achter en loopt zelf door naar de aangewezen plaats, ongeveer 30 meter verder. Hier aangekomen valt er achter u een dummy met schot. Op teken van de keurmeester roept u uw hond door het veld met verleidingen voor. (C-klasse:) Voordat de hond de dummy mag gaan halen dirigeert u uw hond naar een punt voor een verloren apport. Nadat dit apport binnen is mag de hond de 1e dummy gaan halen. Op de terugweg zal een haas uw hond proberen te verleiden tot een spelletje.

De A0, A en B-klasse hoefde alleen de geworpen dummy op te halen. Bij de A0 en A-klasse schiet de haas op enige afstand van de hond voorbij, bij de B-klasse doorkruiste de haas het pad van de hond. De "haas" is een dummy aan een lang elastiek.

De nadruk bij deze proef ligt op het respecteren van verleidingen. Zowel de verleidingen tijdens het voorkomen als de haas dienen te worden gerespecteerd. Bij de C-klasse ging het daarnaast om dirigeren en onthouden (van de opgeworpen dummy). Al met al viel deze proef mee, leuk maar niet al te moeilijk.

Opletten en onthouden
U staat met uw hond voor een dichte dekking. Achter de dekking klinkt een attentiesignaal. De keurmeester zal u vervolgens vragen een stukje met de hond te volgen. (C-klasse:) Tijdens het volgen wordt u verzocht om een dummy, die door de helpers niet meer is gevonden, door uw hond te laten zoeken. U dirigeert uw hond naar de aangewezen sector en laat uw hond hier zoeken. Als het apport binnen is loopt u met hond terug naar het startpunt en stuurt uw hond naar de dekking van waarachter het attentiesignaal heeft geklonken om de eerste dummy op te laten halen. Op de terugweg valt achter de dekking, zichtbaar voor de hond nog een dummy met schot. Deze dient te worden gerespecteerd. Nadat de hond de eerste dummy heeft binnengebracht mag de laatste dummy achter de dekking worden geapporteerd.

Voor de A0 en A-klasse werd tijdens het volgen een tweede dummy geworpen. Na terugkeer op de startplaats mochten de dummy's in vrije volgorde worden geapporteerd. De proef voor de B-klasse was, op het dirigeerapport na, gelijk aan de proef voor de C-klasse.

Ook bij deze proef moesten verleidingen, de dummy die werd opgeworpen tijdens het binnenbrengen van een andere dummy, gerespecteerd worden. Voor honden is dit meestal een moeilijk onderdeel. Een bewegend iets prikkelt de hond enorm. Tijdens de trainingen moet het binnenbrengen van een apport dus zo leuk worden gemaakt dat deze prikkel kan worden weerstaan.

Daarnaast werd bij deze proef een aanslag gepleegd op het geheugen van de hond. Het korte termijngeheugen van een hond is, in tegenstelling tot het lange termijngeheugen, niet zo sterk. Met name het na het eerste attentiesignaal volgen verstoort de concentratie en laat de hond vergeten dat er achter de dekking iets is gebeurd. Vaak zie je minder ervaren honden snel richting de dekking lopen om vervolgens bij de dekking vragend naar de baas te kijken "en nu?" Toch valt het korte termijngeheugen goed te trainen. Zelf gooi ik regelmatig tijdens een wandeling een dummy en laat Cindy vervolgens een stuk volgen om haar daarna alsnog de dummy te laten apporteren. Door de afstand steeds te vergroten, of tussendoor ook nog een ander apport te laten halen wordt het geheugen getraind.

Waterwerk, hoogtesprong en apporteren
Bij het betreden van het veld krijgt u van een helper een dummy aangereikt welke u ongeveer 20 meter achter de hoogtesprong legt. Vervolgens loopt u door naar de keurmeester. Bij de keurmeester aangekomen valt er met schot een dummy in het water. (C-klasse:) Eerst dient de verloren dummy te worden geapporteerd, dan de dummy achter de hoogtesprong en als laatste de dummy in het water.
De verloren dummy lag achter in het veld. Om hier te komen moest de hond in een lijn tussen de dummy's in het water en achter de hoogtesprong worden gezet.
(Juul over de hindernis)
De B-klasse had als verplichte volgorde water, hoogtesprong en verloren. De A0 en A-klasse hoefden geen verloren dummy te apporteren.
Voor de B en C-klasse een pittige proef, met name de verloren dummy. De C-klasse moest de hond tussen twee voor de hond gemarkeerde dummy's door dirigeren. De B-klasse moest de hond naar een deel van het veld zien te krijgen dat, op basis van de al geapporteerde dummy's niet tot het werkgebied hoorde. De meeste geleiders in de B-klasse hebben de hond dan ook gedirigeerd naar de sector waar de verloren dummy lag.
Zoals gezegd, Cindy was nogal moe. We eindigden dan ook als laatste in onze klasse. Bij de diplomadag eind april in Nijmegen ging het weer beter. Cindy haalde als enige het C-diploma (99 punten). De Tollers Juul van Elsbeth en Lottie van Anne-René haalde allebei hun A-diploma.
Juul tijdens apporteren over hindernis

Op de diplomadag in Alphen aan den Rijn op 20 mei eindigden we als 2e met 102 punten. Tot nu toe heeft Cindy dit jaar als enige iedere keer haar C-diploma gehaald. Nu nog een paar goede werkproeven. De volgende kans hebben we op 16 juni, de verjaardag van Cindy, in Den Hout. Wie weet, het zou een leuk verjaardagscadeau zijn.

Jos en Cindy
 


Eindelijk was het dan zover, de eerste wedstrijd van het seizoen. Na een winterstop van 4 maanden werd het ook wel weer de hoogste tijd. De eerste wedstrijd was een apporteersport diplomadag, georganiseerd onder auspiciën van de Federatie Hondensport Nederland.

Zoals ik al in mijn vorige bijdrage schreef loop ik dit jaar in deze competitie in de hoogste klasse, de C-klasse. Mag je bij de KNJV- en de JPC-diplomadagen alleen de A-proeven lopen als je voor alle C en B-proeven geslaagd bent, bij de FHN loop je alle proeven van de klasse waarvoor je je hebt ingeschreven. Dus ook al heb je een 0 bij bijvoorbeeld het aangelijnd en los volgen (een A-proef), dan mag je toch de dirigeerproef lopen. Dit betekent wel dat je een vol dagprogramma hebt. In de A en B-klasse heb je altijd wel ergens rond het middaguur een pauze van een uur zitten, in de C-klasse niet. Af en toe heb je een verloren kwartiertje omdat je nog niet aan de volgende proef kunt beginnen omdat er nog een andere groep bezig is. De lunch hebben we tussendoor dus naar binnen gewerkt. Het heeft echter ook een voordeel. Tijdens een pauze of lang wachten kan je hond wel eens indutten. Bij Cindy betekent dit dat ze daarna meestal minder werkt. Door het volle dagprogramma heeft je hondje wel de nodige rustmomenten, maar er blijft een zekere spanning op de boog, waardoor de concentratie blijft. Voor Cindy bleek dit ideaal te zijn.

De weersvoorspellingen voor de wedstrijddag waren gunstig. Gelukkig maar, want de regen komt iedereen onderhand de oren uit. En inderdaad, toen we om 8 uur van huis vertrokken scheen het zonnetje al vrolijk. Na aankomst op de wedstrijdlocatie eerst het startnummer gehaald. We hadden het hoogste startnummer. Na nog even een wandelingetje met Cindy te hebben gemaakt en het welkomstwoord te hebben aangehoord mochten we dan eindelijk van start.

We mochten beginnen met markeren. Al snel waren de eerste klachten hoorbaar; de proef was niet goed uitgezet, de werper wierp niet haaks maar voor hem en de werper wierp niet tegen de wind in. Allemaal juist. Als je de reglementen er op naslaat moest de proef inderdaad anders uitgezet worden. Maar dan nog, zo was het weerwoord van andere deelnemers, worden de eenden tijdens een jacht vooraf geïnstrueerd hoe ze moeten vallen als ze worden geschoten? Op deze proef vielen de nodige onvoldoendes. Wij vertrokken met een 9. Een lekker begin dus.

Na een paar A-onderdelen die we met een 10 aflegde was het tijd voor de proef combinatie appèl en apport. De proef was uitgezet op één van de omheinde trainingsveldjes. De hond moest schuin het veld op worden gestuurd, in de richting van het centrale veld waar het terras was gecreëerd. De hond had dus veel verleiding en afleiding terwijl hij naar het zitpunt werd gestuurd. De keurmeester had besloten om het seintje dat de hond voor mag worden geroepen niet verbaal, maar met een klopje op de schouder te geven. Voor veel honden bleek die hand boven de schouder van zijn handler het teken om in actie te komen. Ook voor Cindy. Omdat haar opstaan, het klopje op de schouder en mijn commando in elkaar overliepen werd het beoordeeld als houdbaar inspringen, 2 punten aftrek dus. Met nog één puntje aftrek voor een koerscorrectie op de heenweg vertrokken we naar de volgende proef met een 7.

Nu ging het spannend worden, we moesten gaan dirigeren. Vanaf de zijkant werd het zitpunt aangewezen, een tak in het veld, en werd getoond waar de dummy zou liggen. Als deelnemers hebben we later besloten de volgende keer alles weer vanuit de inzetplaats aangewezen te krijgen omdat je vanaf de zijkant alles toch vanuit een heel ander perspectief ziet. Er vielen weer een hoop onvoldoendes. Veel honden kwamen al niet bij het zitpunt aan, ze trokken naar links richting bossages of liepen door het fluitsignaal heen richting de bossages aan de achterkant van het dirigeerveld. Van de honden die het zitpunt wel bereikten waren er enkele die uiteindelijk toch leeg terug kwamen omdat zij de dummy niet konden vinden. Ze werden verkeerd gedirigeerd omdat de handler de dummy op een andere plek vermoede. Uiteindelijk was het moment daar dat wij aan de beurt waren. Met de instelling dat het toch wel verkeerd zou gaan (met deze instelling ben je nooit zenuwachtig) liepen we naar de inzetplaats. Rust, riempje af, recht naast je neer zetten, hand naast het koppie en laten focussen. Weer even hand weg en zelf recht gaan staan want ze focust op het verkeerde. Nieuwe poging, het commando vóóóóóóruit en daar gaat ze. Een kleine koersafwijking naar links, maar wel een redelijke rechte lijn, dat valt mee. Op 2/3 van de eerste lijn, voorbij alle plassen stop ik Cindy af met de fluit. Ze reageert meteen en ik kan de koers corrigeren. Zelf een beetje schuin gaan staan en rechtsom overhands doorsturen. Ze pakt de lijn en bij het zitpunt kan ik haar afstoppen, ze zit er vlak achter. Van de keurmeesters krijg ik de mededeling dat ik de hond mag doorsturen. De tweede lijn ging een stuk minder, maar na mezelf eerst in de nesten te hebben gewerkt, ik stuurde Cindy een greppel in waarvan ik niet wist dat die er lag, gevolgd door het nodige dirigeerwerk, is Cindy bij de dummy gekomen en bracht ze deze model binnen. De keurmeesters hadden de hoop eigenlijk al opgegeven, want zoals ik ons in de nesten had weten te werken … ik heb in ieder geval weer een hoop geleerd. Uiteindelijk kregen we een 6.

Opgelucht gingen we verder. Een paar proeven verder kregen we bij het voorkomen met verleiding het verzoek van de keurmeester om het niet goed te doen. Hij had inmiddels 12 keer een 10 moeten geven en was wel weer eens toe aan een ander cijfer. Na afloop van de proef heb ik me maar verontschuldigd bij hem, want hij moest voor de 13de keer op rij een 10 geven.
De laatste proef was het apporteren vanuit linie. Weer een spannend moment want ook deze proef hebben wij nog nooit gedaan. Er werd gelopen in 3 groepen van 4 combinaties. Ik was dus de laatste combinatie in de laatste groep die mocht apporteren. Prettig, want dan kon Cindy eventjes kijken wat de bedoeling was. Tijdens de eerste groep heb ik zelf maar eens goed gekeken om te zien hoe de proef in de praktijk in elkaar stak. Vervolgens Cindy even goed wakker gemaakt met een uitgebreid trekspelletje. En toen mochten wij. Tijdens de eerste keer oplopen was duidelijk te zien dat het nieuw was voor Cindy, maar ze volgde attent. Bij het schot hielden we halt. Cindy had de dummy duidelijk gemarkeerd en zat klaar om te vertrekken. Zachtjes gaf ik voor de zekerheid maar het commando blijf dat alleen door mijn buurvrouw, tevens trainster werd gehoord. De proef verliep verder goed, alleen had Cindy niet zo’n trek om al te nat te worden bij het ophalen van de dummy. Eerst werd bij de waterbak uitgebreid bekeken hoe de dummy het beste uit het water kon worden gehaald, maar na nogmaals een commando apport ging ze toch maar te water en bracht ze de dummy model terug. Het zat er op en als ze ons het extra commando heel erg zwaar hadden aangerekend hadden we het diploma op zak.

Een drie kwartier later volgde de diploma- en prijsuitreiking. Eerst de A en de B-klasse. Prima cijferlijsten en een hoop tevreden gezichten, altijd leuk om te zien, maar hoe hebben we het er zelf afgebracht. Van de 13 deelnemers in de C-klasse, zo werd ons verteld, hadden maar twee combinaties het gehaald. Voor het eerst voelde ik een spanning opkomen. “Op de tweede plaats is geëindigd …” Ja hoor, het was gelukt. Tweede met 96 (van de 110) punten. Trots op mijn tollertje hebben we het diploma en de beker in ontvangst genomen.

Na nog even met ons groepje van de Alphense Hondenclub een wandeling te hebben gemaakt zijn we moe maar voldaan naar huis vertrokken. De kop is er af, de eerste wedstrijd zit er op. Op naar de volgende.

Jos en Cindy

 


De werklust waar ons Tollertje zo bekend om staat komt doordat de Toller oorspronkelijk is gefokt om het wild tijdens een jacht voor ons binnen te halen. Veel toller mensen maken gebruik van deze werklust en beoefenen de één of andere hondensport met hun hondje. Zelf ben ik in 2005 begonnen met te trainen voor de apporteersport.

In Nederland worden diverse verschillende apporteerwedstrijden gehouden. De bekendste zijn de wedstrijden van de KNJV en van de Jachtproeven Commissies van de diverse retriever verenigingen. Daarnaast is er ook nog een competitie, georganiseerd onder auspiciën van de Federatie Hondensport Nederland (FHN). Omdat de apporteersport van de FHN een wat minder bekende competitie is, zal ik proberen dit jaar in iedere TT een bijdrage te leveren, met name over onze belevenissen in deze competitie.

Sinds 2006 neem ik met Cindy deel aan wedstrijden, waaronder ook de FHN-competitie. In ons eerste wedstrijdjaar zijn we uitgekomen in de B-klasse. Uiteindelijk zijn we 4e geworden in de eindstand van deze competitie. In 2007 zullen we uitkomen in de hoogste klasse.

In deze eerste bijdrage zal ik mij richten op wat algemene zaken als de reglementen en de verschillen ten opzichte van de KNJV- en JPC-wedstrijden. In volgende bijdragen zal ik vertellen hoe één en ander in de praktijk verloopt.

In het verleden waren hondensporten met name voorbehouden aan rashonden. Met een "vuilnisbakje" of een hond zonder stamboom was je welkom, maar in de hoogste klasse mochten alleen honden met stamboom uitkomen. Begin jaren '90 is de Federatie Hondensport Nederland opgericht. Uitgangspunt van deze club was dat alle honden, ras of rasloos, intact of niet, in alle disciplines en op alle niveau's mochten uitkomen. Inmiddels kent de FHN de disciplines GG, behendigheid, apporteersport, flybal en de jongste discipline is speuren. Voorwaarde om aan wedstrijden van de FHN deel te nemen is wel dat je een startlicentie hebt. Deze startlicentie kun je uitsluitend krijgen via de bij de FHN aangesloten club waar je traint.

Omdat álle honden mogen deelnemen zie je binnen de apporteersport dus niet uitsluitend de bekende jachthondenrassen (al hoewel die wel de boventoon voeren), maar kun je ook bijvoorbeeld herders, terriërs en dogachtige tegenkomen. Binnen de competitie bestaan er, net als bij de KNJV en de JPC, twee soorten wedstrijden; diplomadagen en werkproeven. Diplomadagen bestaan uit vast omschreven proeven. Bij de werkproeven kun je van alles tegenkomen, zolang het maar met apporteren te maken heeft. De proeven zijn geënt op de proeven zoals deze binnen de KNJV en de JPC gelden, maar er zijn een aantal verschillen. Voor de diplomadagen zijn de volgende proeven voorgeschreven:

FHN-apporteersport

KNJV/JPC

Diploma

Proef

Omschrijving

Diploma

Proef

Omschrijving

A

A

Aangelijnd en los volgen

C

A

Aangelijnd en los volgen

B

Komen op bevel met verleiding

B

Uitsturen en komen op bevel

C

Houden van de aangewezen plaats

C

Houden van de aangewezen plaats

D

Apport te land

D

Apport te land

E

Apport over hindernis

E

Apport uit diep water

B

F

Verloren apport te land

B

F

Verloren apport te land

G

Markeerapport

G

Markeerapport

H

Combinatie appèl en apport

H

Apport over diep water

C

I

Dirigeer apport te land

A

I

Dirigeer apport te land

J

Apporteren vanuit linie

J

Apport van een verre loper over diep water

K

Apport door diep water

 

 

 

Een paar kleine toelichtingen:


  • Proef B: Bij de KNJV en de JPC moet de hond vrij worden uitgestuurd. Wanneer de hond op ± 30 mtr en vrij is, geeft de keurmeester de voorjager een teken waarop de voorjager de hond weer bij zich moet roepen. De hond dient op het eerste signaal te komen.

    Bij de FHN dient de hond, na een kort parcours te hebben gevolgd, op een aangewezen plaats te worden achtergelaten. De handler loopt vervolgens door naar een tweede aangewezen plaats op ongeveer 30 mtr van de hond. De hond mag zijn plaats niet verlaten. Op teken van de keurmeester roept de handler de hond voor. Op zijn weg naar de handler komt de hond langs verleidingen, welke kunnen bestaan uit omgeworpen toestellen van behendigheid, maar ook grote pluche beesten of ballen. De hond dient de verleidingen uiteraard links te laten liggen.

    Proef E: Omdat niet alle honden van nature zwemmers zijn, heeft men het waterwerk bij de FHN uit de lagere klassen gehaald. Op werkproeven komt men echter op alle niveau's waterwerk tegen. De waterproef van de KNJV/JPC is vervangen door een apport over een schutting van 60 cm, die in ieder geval op de heenweg, en bij voorkeur ook op de terugweg genomen moet worden.

    Proef H: Ook deze waterproef is vervangen. De hond moet blind (dus zonder voor de hond duidelijke markering) naar een door de keurmeester aangewezen zitpunt op ± 30 mtr worden gestuurd. Binnen een straal van 5 mtr van het aangewezen punt moet de hond worden afgestopt. Vervolgens wordt links of rechts van de handler met schot een dummy geworpen. Op teken van de keurmeester roept de handler de hond eerst voor. Vervolgens stuurt de handler zijn hond uit om de dummy te apporteren.

    Proef J: Omdat binnen de FHN apporteersport uitsluitend met dummy's wordt gewerkt is het apport van de verre loper (de sleep) vervangen door het apporteren vanuit linie. Hierbij lopen tussen de 3 tot 5 combinaties op richting het water. Op 20 tot 30 mtr van het water klinkt een schot waarop alle combinaties halt houden en een dummy in het water wordt geworpen. Op teken van de keurmeester keren de combinaties links- of rechtsom in linie terug naar het beginpunt. De keurmeester wijst de combinatie aan die vervolgens de dummy moet apporteren. Men dient dus 3 tot 5 keer in linie op te lopen, waarbij de hond maar 1 keer mag apporteren.

    Andere verschillen ten opzichte van de KNJV- en JPC-wedstrijden zijn:

  • Er wordt uitsluitend met dummy's gewerkt, terwijl bij de KNJV altijd met wild wordt gewerkt. Bij de JPC's wordt in de B2 en A-klasse in ieder geval met wild gewerkt.

  • Heeft men aan een diplomadag deelgenomen maar geen diploma behaald, dan mag men op de werkproeven uitkomen in de A0-klasse. Bij de KNJV en JPC mag men uitsluitend aan MAP's of workingtests deelnemen in de klasse waarvoor men een diploma heeft gehaald

  • Trekt men bij de KNJV- en JPC-proeven doorgaans de natuur in, bij de FHN vinden de wedstrijden op en in de omgeving van de organiserende hondenschool plaats. Nadeel hiervan is dat er meestal op een keurig gemaaid grasveld wordt gewerkt en de bossages voor het verloren apport meestal niet zo diep zijn. Voordeel is echter dat er op koude, regenachtige dagen (bijna) altijd een kantine aanwezig is waar je je tussen de proeven door even kunt opwarmen.

    Per klasse is er een competitie. De drie beste combinaties uit een klasse ontvangen aan het einde van het seizoen een trofee. Om hiervoor in aanmerking te komen moet een combinatie aan ten minste twee diplomadagen en twee werkproeven hebben deelgenomen.

    Vorig jaar was Cindy de enige Toller die in de FHN apporteersport actief was. Dit jaar zullen er in ieder geval drie Tollers meelopen in deze competitie. Voor degene die eens een kijkje willen nemen (en uiteraard de Tollertjes wil komen aanmoedigen), de agenda van de FHN staat op de site van de club onder wedstrijdkalender.

    Volgende keer onze belevenissen tijdens de eerste diplomadag op 10 maart in Den Hout.

  • Groet Jos Fraats en Toller Cindy


 

MAP info

 Uitslagen MAP
19-oktober 2008