Kerst 2010 kreeg een (heel) lang staartje
Met de kerst vorig jaar zijn we lekker met de honden in de duinen van IJmuiden
gaan wandelen. Een heerlijke plek waar de honden lekker kunnen struinen en
luchtjes kunnen snuiven, wat zij dan ook volop deden. Op een gegeven moment komt
onze oudste Toller Cindy uit het struikgewas. Het was duidelijk dat ze een takje
of zo tegen of in haar oog had gehad, je zag wat irritatie. Maar goed, dat kan
gebeuren en omdat Cindy vrolijk verder ging met ravotten hebben we onze
wandeling lekker voortgezet.
In de week erna ging het op en af met het oog. De ene dag zag je (bijna) niks en
de volgende dag had Cindy weer duidelijk last van haar oog. Omdat dit maar niet
over ging zijn we na oud en nieuw naar de dierenarts gegaan. Deze constateerde
een beschadiging van het hoornvlies van een 2 á 3 mm. Dus druppeltjes mee met
antibiotica en vitamine waarna het oog na 10 tot 15 dagen genezen moest zijn.
Helaas bleef Cindy last houden, dus opnieuw naar de DA. De beschadiging was nu 3
á 4 mm., waarop we een sterker middel mee kregen.
Het druppelen begon een vast ritueel te worden. Cindy die timide het druppelen
onderging, om vervolgens als een speer naar de koekjes te lopen om de beloning
in ontvangst te nemen. Helaas mochten ook deze druppels niet baten. Omdat Anita
met Perro naar de oogarts moest voor een ECVO-onderzoek, hebben we onze DA
gevraagd een verwijzing te schrijven voor Cindy.
De oogarts hoorde het verhaal aan, keek even kritisch naar het oogje en
concludeerde SCCED; Spontaneous Chronic Corneal Epithelial Defects. SCCED is een
erfelijke aandoening die met name bij Staffords en Boxers voor komt. We hebben
de aandoening gemeld bij de fokadviescommissie van de Tollerclub en volgens de
FAC was het de eerste melding in Nederland van deze aandoening bij een Toller.
Wat is SCCED; Het hoornvlies bestaat uit 3 lagen, waarvan de 2e laag (het stroma)
het dikste is. Wanneer de buitenste laag (het epitheel) beschadigd raakt, komt
de 2e laag van het hoornvlies bloot te liggen. Hierdoor zal er een soort van
ontstekingsreactie optreden die er voor zorgt dat de buitenste laag van het
hoornvlies zich over de beschadiging zal sluiten.

Een hond met SCCED heeft
echter een afwijkend 2e hoornvlieslaag, waardoor deze laag een apart laagje gaat
vormen als het bloot komt te liggen. De buitenste hoornvlieslaag zal zich wel
proberen te herstellen, maar het kan zich niet hechten aan het “vreemde” laagje
van de 2e hoornvlieslaag. Hierdoor komt de buitenste hoornvlieslaag als losse
flappen rond de beschadigde plek te hangen.
De therapie; Zalven of druppelen helpt niet (maar daar waren wij ook al achter).
De DA kan kleine krasjes maken op het oog. De krasjes zorgen er voor dat er
bloedvaatjes gaan ingroeien. Daarnaast zorgen de krasjes er voor dat de 2e laag
van het hoornvlies onder de “vreemde” laag (gedeeltelijk) bloot komt te liggen.
Men hoopt dat er voldoende gezond weefsel bloot komt te liggen, waardoor de
buitenste hoornvlieslaag voldoende mogelijkheid heeft om zich te hechten.
De krasjes worden aangebracht onder locale verdoving. Nadeel is dat, zodra de
verdoving is uitgewerkt, de hond erg veel pijn heeft en dat de behandeling vaak
meerdere keren moet plaatsvinden.

Als de methode van “krassen” niet aanslaat kan men ook over gaan tot een
operatie. Tijdens deze operatie wordt het gehele bovenste deel van de 2e
hoornvlieslaag weggehaald. Hierdoor blijft alleen “gezond” weefsel over.
Vervolgens wordt er een lens over het oog geplaatst zodat de zenuwen zijn
afgedekt.

Voordeel is dat de hond veel minder pijn en irritatie heeft van deze behandeling
en dat de ingreep maar 1 keer hoeft plaats te vinden (het slagingspercentage is
99%). Nadeel is dat de hond onder narcose moet. Daarnaast blijft bij deze
methode een litteken achter in de vorm van een doffe plek, terwijl bij krasjes
er maar een klein of zelfs geen litteken achterblijft.
Hoe ging het verder met Cindy; Nadat de diagnose SCCED was gesteld zijn er
meteen krasjes gemaakt. We kregen Cindy terug met een kap om, diverse
druppeltjes en een vervolgafspraak voor ruim 4 weken later.
Omdat we voor Cindy een verzekering hebben afgesloten was het advies om, als het
oog bij de vervolgafspraak nog niet volledig zou zijn herstelt, haar te laten
opereren. Deze methode is weliswaar kostbaarder dan de methode van krassen, maar
voor de hond veel minder belastend. Omdat we voor Cindy toch verzekerd waren was
het advies voor de operatie te kiezen.
Na weer ruim 5 weken intensief druppelen met antibiotica en pijnstillers en,
uiteraard een koekje als beloning, stonden we aan het einde van een
vrijdagmiddag weer bij de specialist. Zij constateerde dat de randen van de
beschadigde plek goed doorbloed waren en dat de beschadiging al iets kleiner was
geworden. Maar voordat het helemaal genezen zou zijn zou er nog wel een 3 keer
gekrast moeten worden. De keuze was dan ook snel gemaakt; opereren.
Versuft kregen we Cindy na de operatie mee naar huis met een half dichtgenaaid
oogje om te zorgen dat de lens er niet uit kon vallen. Uiteraard kregen we weer
het één en ander aan druppels mee en moest de kap om blijven totdat de lens was
verwijderd. Na nog eens 4 weken druppelen mocht eindelijk de lens uit het oog en
hebben we onze oude Cindy weer terug.
Anita & Jos
(met dank aan Mariska Kerkhoff (student diergeneeskunde Utrecht) voor de
duidelijke uitleg)