Home  |   De NSDTRCN  |   Informatie voor fokkers  |   De Toller  |   Gezondheid  |   Jacht (JPC) informatie  |   Overige informatie
 
 
Gezondheid
- Informatie dierenartsen
- Basisgegevens van de hond
- Castratie/sterilisatie
- Giftige Planten
- Parasitaire ziekte
- Kanker bij honden
- Groeicurve
- DNA profiel
- Haplotype
- In's en out's puppy vulva
- Vergiftiging
- Paddenstoelen-eikels giftig

- Addison
- Atopie
- Botulisme
- Cataract
- CEA/ch
- CHV (Canine Herpes Virus)
- CLPS (Cleft lip/palate en syndactyly)
- CP1 (Cleft lip/Palatoschisis)
- Cryptorchidie
- Demodex
- Degeneratieve Myelopathie (DM)
- Degeneratieve Encephalopathy (DE)
- Discoide lupus erythematosus (DLE)
- Distichiasis
- Doofheid
- Ectopische Ureter
- ED (ElleboogDysplasie)
- Epilepsie
- Goniodysgenese
- HD (HeupDysplasie)
- Hubertusklauwtjes
- Hypertrofische osteodystrofie
- Hypothyreoïdie
- Levershunt
- Lupus
- MDR1
- Navelbreuk
- PLE (Protein Losing Enteropathy)
- Prcd-PRA
- Radius Curvus Syndroom
- SLE
- SRMA (AM)

- Voeding
- Overgewicht
- Oververhitting
- Inteelt
- Vaccinatie
- Huisdier EHBO

Uitslagen
- Baer test uitslagen
- CLPS uitslagen
- CP1 uitslagen
- Dilute/buff uitslagen
- DE test uitslagen
- DM test uitslagen
- ECVO uitslagen
- ED uitslagen
- Gonioscopie uitslagen
- Haplotype uitslagen
- HD uitslagen
- JADD uitslagen
- MDR1 uitslagen
- PRA-CEA uitslagen



Laatste update: 15-11-2017



Raad van Beheer erkende rasvereniging


 

 
  Canine Herpes Virus (CHV)

In de 60-ger jaren van de vorige eeuw werd het Canine Herpes Virus ontdekt bij gestorven pups. De laatste jaren is er meer aandacht voor ontstaan. In Nederland is ongeveer 60% van de honden ooit in aanraking geweest met het CHV. Doordat er een aantal besmette dekreuen in Nederland zijn is er binnen bepaalde rassen een sterke stijging van het aantal besmettingen te zien. Ook bij de toller kan dit virus voorkomen.

De symptomen
Volwassen reuen hebben weinig symptomen bij een besmetting met het virus. Soms is er een geringe luchtweginfectie met geringe neus- en oog uitvloeiing. Op de penis zijn soms beschadigingen te zien en er kan uitvloeiing uit de voorhuid aanwezig zijn.

Bij volwassen, niet gedekte teven zijn de symptomen een geringe luchtweg-infectie met eventueel een geringe oogontsteking. Soms zien we ook vaginitis met beschadigingen in de vagina.

Gedekte teven hebben die symptomen ook, maar bij deze zien we ook resorptie of mummificatie van de vruchten, abortus of vroeggeboren of doodgeboren pups of levendgeboren, maar zeer zwakke pups.

Pups jonger dan 3 weken: de zieke pups zijn sloom, hebben weinig eetlust en krijgen een gespannen buik. Ze gaan sneller ademhalen, soms ook gillen en kunnen bloedingen op de slijmvliezen krijgen. Ze kunnen zeer snel overlijden omdat het virus zich erg snel vermeerdert en alle organen aantast. Als de pup overleeft, kan hij op latere leeftijd problemen krijgen met hart,longen,nieren en ogen.

Als pups op een leeftijd ouder dan 3 weken besmet raken, zien we soms niezen met een neusuitvloeiing.

De verklaring waarom het virus bij pups jonger dan 3 weken zo agressief is, is dat de lichaamstemperatuur door deze pups nog niet goed op 38-39 graden C gehouden kan worden. Het virus gedijt het best bij 36 graden C. Ook is het immuunsysteem bij pups jonger dan 3 weken nog niet zo goed ontwikkeld.

De behandeling
Behandelen van besmette dieren is erg moeilijk en onzeker. Men kan proberen de omgevingstemperatuur te verhogen ( gedurende de eerste 4 dagen 30-32 graden C en dan dalend tot 28 graden C tegen de 7e dag). Ook kan men via een infuus vocht toedienen om uitdroging te voorkomen. Serum dat een soort enting tegen CHV bevat toedienen is ook mogelijk.

Preventie
Het is beter om besmetting te voorkomen. Altijd voorzichtig zijn en een drachtige teef weghouden van mogelijk besmette honden of een besmette omgeving. Na de geboorte van de pups ook voorzichtig zijn in het contact met andere honden en omgeving. Men dient werpkist en omgeving zeer goed en regelmatig te ontsmetten. Men moet ervoor zorgen dat de pups tijdens de eerste 24 uur voldoende biest opnemen, waardoor ze een passieve immuniteit krijgen.

Vaccinatie
Het is tegenwoordig mogelijk om te vaccineren, maar vaccinatie tijdens de dracht kan problemen geven en zelfs tot abortus leiden. Als men vaccineert dan doet men dat 10 dagen na de dekking en 10 dagen voor de bevalling. Vaccineren blijft natuurlijk altijd een risico in verband met mogelijke reacties op de vaccinatie.

Testen of een hond het virus bij zich draagt
Men kan honden testen op antilichamen tegen CHV (IgM) Tegenwoordig kan het virus ook worden aangetoond in het slijmvlies van de vagina bij de teef en in het sperma van de reu.

Er bestaat een risico dat honden die een CHV infectie hebben doorgemaakt en overwonnen hebben, ondanks dat ze antilichamen tegen het virus hebben, toch nog het virus kunnen verspreiden.

Symptomen zijn nooit het bewijs van een CHV infectie. Alleen een positieve sectie uitslag of het aantonen van het virus door middel van bloedafname kunnen de definitieve diagnose CHV geven. Ook als men bij een hond twee maal, met een tussentijd van een paar weken,een verhoging van antistoffen in het bloed ziet, heeft men het bewijs dat de hond besmet is.

Conclusie
Het is dus belangrijk om zeer voorzichtig om te gaan met drachtige teven en pasgeboren pups. Wees voorzichtig in het contact met soortgenoten en risicovolle omgevingen. Ook is het zaak de omgeving zeer goed te desinfecteren.
 
 

Copyright Nova Scotia Duck Tolling Retriever Club Nederland 1990-2017
De NSDTRCN is een door de Raad van Beheer erkende rasvereniging ingeschreven bij de KvK onder nummer 040166744