|
|
 |
 |
 |
 |
 |
Gevoeligheid voor vaccinaties
|
|
|
|
Gevoeligheid voor vaccinaties bij Tollers
De laatste jaren wordt er in de veterinaire wereld druk
gediscussieerd over het vaccinatiebeleid. Voorheen dacht men
dat vaccinaties alleen maar goed deden. Tegenwoordig zijn er
steeds meer geluiden dat vaccineren ook nadelen met zich
meebrengt en dat met name bepaalde rassen, waaronder helaas
ook de Toller, nadelige effecten van vaccinaties kunnen
ondervinden.
Een voorbeeld: onlangs kwam er een melding van een Toller
met Aseptische Meningitis. Een ziekte die in ons ras helaas
niet voor niets de Tollerziekte wordt genoemd. Men neemt aan
dat voor het uitbreken van deze ziekte twee elementen nodig
zijn, namelijk een bepaalde erfelijke gesteldheid en een
zogenaamde trigger. Anders gezegd: genetisch ben je er
gevoelig voor en daarnaast is er in je omgeving een
aanleiding nodig om de ziekte te doen uitbreken.
Een van de bekende triggers is het vaccineren. De zieke
Toller bleek een week daarvoor geënt te zijn met een
cocktail en tegelijkertijd nog een aparte injectie tegen
kennelhoest te hebben gekregen, waarvoor ze het merk
Vanguard hadden gebruikt. Omdat er inmiddels al diverse
malen geconstateerd is dat ons ras vaccinatiegevoelig is,
lijkt het heel erg waarschijnlijk dat de enting en de
uitbraak van de Aseptische Meningitis direct met elkaar in
verband staan.
Wat moet je weten om verstandig met vaccineren van Tollers
om te gaan:
Nooit ontwormen en inenten in dezelfde week, daar moet
minimaal een week tussen zitten. Dus niet: alles in één en
ook voor de fokkers: geen puppyenting en ontworming in
dezelfde week.
Altijd bij je dierenarts navragen welk entingsmiddel hij of
zij gebruikt.
Nobivac heeft bijvoorbeeld op een aantal vaccinaties een
langere geldigheidsduur weten te verkrijgen. We weten van
Tollers die met name op de enting met Vanguard niet goed
reageren. Vandaar dat we de voorkeur geven aan Nobivac ( van
fabrikant Intervet)
Nooit een Toller laten enten die niet helemaal gezond is,
diarree heeft of anderszins niet goed in zijn vel zit.
Wachten tot ze weer goed gezond zijn.
Vaccineren nooit combineren met antibioticakuur en/of
homeopathische behandeling.
De rabiësinenting werkt op het zenuwstelsel en is een zware
vaccinatie. Deze mag absoluut niet gegeven worden tezamen
met andere vaccinaties en je hond moet minstens 6 maanden
oud zijn. Bovendien mag er een maand voor en een maand na de
vaccinatie geen andere vaccinatie worden gegeven.
Kennelhoest vaccinaties vermijden en als het moet, omdat de
hond naar een pension gaat, waar het verplicht is dan alleen
de neusspray.
Honden vanaf 10 jaar helemaal niet meer enten, tenzij de
hond in een risicovolle omgeving verblijft.
Als je een risicohond hebt, bijvoorbeeld eentje waarvan een
nestgenoot Aseptische Meningitis heeft, extra voorzichtig
zijn met cocktails. Vraag je dierenarts enkele vaccinaties
te bestellen. Vaak moet je dat wel van te voren regelen
omdat ze alleen de cocktails in huis hebben. Helaas zijn de
HCC en Hondenziektevaccins alleen als cocktail verkrijgbaar.
Je zou je kunnen afvragen of vaccinaties tegen
niet-dodelijke ziektes noodzakelijk zijn. Denk bijvoorbeeld
aan parainfluenza en kennelhoestvaccinaties.
Advies is om Tollers met een auto-immuunziekte helemaal niet
meer vaccineren. Tollers kunnen een “Multidrug Resistance
gen 1”-defect hebben. Dat betekent dat ze een
overgevoeligheid kunnen hebben voor meerdere stoffen, zoals
de middelen: ivermectine, milbemycin, selametin, moxidentin.
Deze stoffen worden veel gebruikt bij de bestrijding van
parasieten en wormen. De dieren met dit MDR1 gendefect
kunnen dan in een soort shock terecht komen. Een heel groot
percentage Schotse Collies heeft dit MDR1 gendefect. Bij
Tollers is dit percentage veel lager, maar het is wel
voorgekomen dat Tollers na hun vaccinatie bijna ter plekke
in een shocktoestand belandden. Voor meer informatie
hierover kijk op: www.whgdierenartsen.nl, klik op
bibliotheek, klik op MDR1 gendefect.
Hoe komt het nou dat dierenartsen dit niet altijd weten?
Ten eerste hebben veel dierenartsen oprecht geloofd dat ze
door te vaccineren de hond veel ziektes bespaarden. Dat is
overigens ook zo. Bijvoorbeeld de parvo-vaccinatie is nog
steeds noodzakelijk, omdat dat een dodelijke ziekte is waar
weinig tegen te doen is.
Ten tweede zijn veel dierenartsen financieel gebaat bij veel
vaccineren, omdat ze gezonde dieren toch geregeld in de
praktijk zien vanwege de vaccinaties.
Ten derde hebben dierenartsen wel veel kennis van honden in
het algemeen maar weten ze soms weinig van rasspecifieke
kenmerken, zoals onder andere vaccinatiegevoeligheid.
En tenslotte komen er pas de laatste jaren feiten aan het
licht die aantonen dat vaccineren serieuze schadelijke
gevolgen kan hebben. Er zijn nog steeds een aantal
dierenartsen die dat moeilijk te geloven vinden.
Gelukkig is inmiddels het vaccinatiebeleid in Nederland wel
veranderd en ten opzichte van vroeger is de geldigheidsduur
van diverse vaccinaties met jaren verlengd.
Hoe dan wel vaccineren?
Wat je nu wel of niet moet doen met vaccineren is niet zo
eenvoudig te beantwoorden. De veterinaire wereld is op dit
gebied erg in beweging en met name over de noodzaak van
hervaccineren wordt nog fel gediscussieerd. Dierenartsen
zijn er ook heel verschillend in. Verder wordt er steeds
vaker gesproken over titerbepalingen. Titer bepalen wil
zeggen dat er wordt onderzocht of er nog voldoende
anti-lichamen aanwezig zijn of dat de enting herhaald moet
worden. Helemaal waterdicht is dat overigens niet, want bij
sommige dieren blijft de titerbepaling altijd laag.
Op internet zijn meerdere schema’s te vinden. Van hele
rigoreuze zoals het advies van prof. Jean Dodds, die
adviseert om honden alleen eigenlijk tegen Parvo en
hondenziekte te enten met een puppy-enting en rabiës alleen
als je naar het buitenland gaat, tot de meer gematigde zoals
het schema dat u kunt vinden in de bibliotheek van de
website van WHG dierenartsen. (vaccinaties update 2006). Ook
de holistische dierenarts Tannetje de Koning heeft
interessante artikelen geschreven over vaccinaties.
Chris Eelman
Bronvermeldingen:
de bibliotheek van de website van WHG dierenartsen,
vaccinaties update 2006
Gesprek met Leida Visée, holistisch dierenarts in Zeist
Artikelen van Tannetje de Koning:
www.holistischedierenartsen.nlpublicatie uit TT1 2009
2-7-2005
Rabiësvaccinatie is 3 jaar geldig!
Voor wie de hond deze zomer meeneemt naar het buitenland is onderstaande recent bekendgemaakte wijziging in de officieel erkende geldigheidsduur van de rabiesvaccinatie wellicht van belang. Vaker dan noodzakelijk vaccineren brengt niet alleen extra kosten met zich mee voor de eigenaar van de hond, maar kan ook een overbelasting vormen voor het immuunsysteem van de hond. In alle opzichten is dit dus goed nieuws.
Binnen de EU is afgesproken dat men elkaars registraties erkent. Dit is momenteel vooral belangrijk voor de geldigheidsduur van rabiësvaccinaties.
Nobivac® Rabiës en Nobivac® RL zijn voor rabiës geregistreerd met een immuniteitsduur van 3 jaar na vaccinatie vanaf 12 weken
leeftijd.
Dus als de datum van hervaccinatie, onder het kopje “geldig tot” in het paspoort, mag vanaf nu een datum 3 jaar later worden aangegeven. Als binnen die termijn van gerevaccineerd wordt, kan men binnen de EU altijd op reis.
Voor Ierland, Noorwegen, Zweden, Malta en het Verenigd Koninkrijk (UK) blijft een (eenmalige) bloedtest vereist.
Daarnaast heeft de Europese Commissie bepaald dat een eerste rabiësvaccinatie al na 21 dagen geldig is. Een revaccinatie is direct geldig. De “30 dagen regeling” is hiermee dus komen te
vervallen
Het vaccinatie-interval van 3 jaar geldt dus in ieder geval voor Nobivac® Rabiës en Nobivac® RL van Intervet.
Voor de rabiësvaccinaties van andere fabrikanten geldt de immuniteitsduur die in de bijsluiter van het vaccin vermeld
staat.
Let wel:
Landen buiten de EU kunnen wel eisen dat de rabiësvaccinatie niet ouder mag zijn dan bijvoorbeeld een jaar. Zie hiervoor de lijst met invoereisen op de website van de Koninklijke Maatschappij voor Diergeneeskunde:
http://www.knmvd.nl (actueel, dierenpaspoort).
bron: http://www.uwdierenkliniek.nl/
|
| |
|
|
Huidige
vaccinatie regels
|
|
vaccinatie |
Voor een aantal besmettelijke ziekten kan de hond worden
gevaccineerd. Bij vaccinatie wordt de ziekteverwekker in
verzwakte vorm bij een gezond dier ingespoten. Door de
aanraking met de ziekteverwekker zal het lichaam
antistoffen gaan aanmaken die het dier beschermen tegen
de werkelijke ziekte. Bescherming verschilt per
vaccinatie. Sommige vaccinaties zijn 2 jaar geldig (o.a.hondeziekte),
andere maar 1 jaar (ziekte van Weil). Er bestaat ook een
seruminjectie, waarbij antistoffen worden ingespoten en
het lichaam dus zelf niet actief wordt. Dit kan gebeuren
bij zieke dieren. De werking is veel korter. Vaccinaties
worden gegeven volgens een
bepaald schema om ervoor te
zorgen dat het dier continu beschermd blijft.
|
|
naar boven |
|
voor welke ziekten word vaccineerd? |
|
hepatitis |
HCC
(Hepatitis Contagiosa Canis) of Ziekte van Rubarth wordt
veroorzaakt door een virus, waarvan de verspreiding
plaatsvindt via de lucht en via speeksel en urine van
besmette dieren.
Symptomen: koorts, sufheid, anorexie, braken, diarree,
huidbloedingen, oogontsteking, icterus, pijnlijk
abdomen, ontstoken keel en tonsillen, bloed in urine.
Als de patient de eerste dagen overleeft, bestaat er een
redelijke kans op genezing. |
|
naar boven |
|
hondeziekte |
Hondeziekte of ziekte van Carré wordt veroorzaakt door
het hondeziektevirus. De verspreiding vindt plaats via
de lucht en via speeksel, urine en ontlasting van
besmette dieren. Het virus is zeer besmettelijk voor
honden van alle leeftijden, maar komt het meest voor bij
pups en verzwakte honden.
Symptomen: In het acute stadium zijn dat koorts,
braken, anorexie, ontstoken tonsillen en een zwakke
vochtige hoest. In een later stadium ook huidontsteking
in de liezen, oog- en neusuitvloeiing, longontsteking,
diarree en uitdroging. De kans op genezing is zeer
klein.
|
|
naar boven |
ziekte van
Weil |
Leptospirosis of ziekte van Weil kan worden overgedragen
door zieke ratten die de bacterie met de urine
uitscheiden, waarbij vooral in stilstaand water gevaar
bestaat voor mens en hond. Ook kan de bacterie worden
overgedragen met de urine van besmette maar niet (meer)
zieke honden, door bijvoorbeeld het besnuffelen van
elkaars geslachtsdelen. Besmetting via wondjes in huid /
slijm-vliezen maar ook door besmet drinkwater of
voedsel.
Symptomen: koorts, sloomheid, anorexie, spierpijn,
icterus, anaemie, nierontsteking, braken, diarree, rode
aders op conjunctiva.Kans op genezing is zeer klein
vooral als er laat wordt behandeld. Door aantasting van
lever en nieren kan deze infectie bij een niet
gevaccineerde hond heel snel fataal zijn.
Door vaccinatie opgewekte antilichaamtiters bereiken
zelden waarden hoger dan 1:200 en zijn na 2 a 3 maanden
weer negatief. De verkregen immuniteit na herhaalde
entingen (zoals bij een pup) houdt echter langer aan.
Daarom kan men zijn hond voor de jaarlijkse vaccinatie
het beste laten vaccineren tegen leptospirose in het
voorjaar (april), omdat daarna de kans op besmetting het
grootst is en de immuniteit slechts 3 maanden aanhoudt.
|
|
naar boven |
|
parvo |
Parvo
wordt veroorzaakt door het canine parvovirus. De
besmetting is transplacentaal, direct of indirect
contact met besmette faeces / urine / braaksel /
speeksel, waarbij subklinisch geïnfecteerde honden
reservoir zijn en bepaalde rassen (bijvoorbeeld
rottweiler en dobermann) een verhoogde gevoeligheid
hebben. Symptomen: hoge koorts, anorexie, braken (soms
met bloed), bloederige diarree met typische weeïge geur,
uitdroging. Het virus vermeerdert zich het liefst in
sneldelende cellen (darmepitheel en bij zeer jonge pups
het myocard).
Infectie bij pups jonger dan 2 wkn: infectie in uterus
of als neonaat.
Er ontstaat zo een gegeneraliseerde ziekte met acute
dood rond 10 dgn.
Infectie bij pups 3-8 wkn: myocarditis.
Sterfte bij pups jonger dan 3mnd. door cardiale
arytmieen.
Sterfte bij pups ouder dan 3mnd. door chron.
myocardiale fibrose.
Infectie bij honden > 8 wkn: oronasale infectie met
primaire replicatie in lymfeknopen/pharynx/tonsillen,
viremie, leucopenie en lymfopenie in lymfoid weefsel en
beenmerg + aantasting intestinale cellen necrose crypten
enteritis en diarree (bij ernstige infectie mogelijk
fataal).
Enting tegen parvo bij pups van 6, 9, 12 en 16 weken. |
|
naar boven |
|
corona |
Corona
wordt veroorzaakt door het coronavirus. De besmetting
vindt plaats via ontlasting van besmette honden.
Symptomen: koorts, anorexie, braken, oranjekleurige
diarree soms met bloed en slijm. Kans op genezing ligt
hoger dan bij het parvovirus, maar pups kunnen wel
sterven. |
|
naar boven |
|
kennelhoest |
Kennelhoest of kennelkuch is een zeer besmettelijke
ziekte bij de hond, die vaak voorkomt en wordt
veroorzaakt door meerdere bacteriën en virussen, maar
bordetella bronchiseptica is de beruchtste.
Symptomen: een hardnekkige droge hoest met kokhalzen
en slijm opgeven. Waarbij vooral hoesten optreedt bij
opwinding of trekken aan de riem, maar soms ook ‘s
nachts. In ernstige gevallen: ontstoken ogen,
neusuitvloeiing, bronchitis. Goede kans op genezing,
maar pups, oudere en verzwakte dieren kunnen wel sterven
door de complicaties. |
|
naar boven |
|
rabiës |
Hondsdolheid of rabiës is een levensgevaarlijke ziekte
voor alle warmbloedige dieren. Symptomen kunnen ontstaan
na enkele weken tot 3 maanden, waarbij het gaat om
gedragsveranderingen, agressie/sloomheid met sterfte
binnen een week. Bij het geringste vermoeden van
hondsdolheid wordt de hond geëuthanaseerd in het belang
van de volksgezondheid. De ziekte komt in Nederland
nagenoeg niet voor, maar de bosrijke gebieden van
Duitsland en België zijn berucht om hun
hondsdolheidgevaar. |
|
naar boven |
|
entschema |
Omdat niet alle entingen een even lange werkingsduur
hebben, bestaat een schema volgens welke de hond
inge-ent kan worden. Als het goed is start het
schema al bij de fokker. Vraag hier dus naar en
controleer de gegevens! Iedere pup hoort een boekje
van de fokker mee te krijgen waar de entingen
alsmede de ontwormingskuren in vermeld staan.
|
|
naar boven |
|
ENTINGEN |
Leeftijd in weken |
Leeftijd in jaren |
| |
6 |
9 |
12 |
14-16 |
16-20 |
>25 |
1 |
2 |
3 |
4 |
5 |
6 |
7 |
8 |
9 |
10 |
|
Puppyenting |
x |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Hondenziekte |
|
|
x |
|
|
|
x |
|
|
x |
|
|
x |
|
|
x |
|
HCC leverziekte |
|
|
x |
|
|
|
x |
|
|
x |
|
|
x |
|
|
x |
|
Parvo |
|
x |
x |
|
|
|
x |
|
|
x |
|
|
x |
|
|
x |
|
Ziekte van Weil(Leptospirose) |
|
|
|
x |
x |
|
x |
x |
x |
x |
x |
x |
x |
x |
x |
x |
|
Eventueel kennelhoest |
|
|
|
x |
|
|
x |
x |
x |
x |
x |
x |
x |
x |
x |
x |
| |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Eventueel rabiës om de 3 jaar
alleen (EU) landen |
|
|
|
|
|
x |
|
|
x |
|
|
x |
|
|
x |
|
Note:
1. Dit vaccinatieschema geldt voor landen binnen EU en is
alleen van toepassing wanneer men met Nobivac vaccineert.
2. Let op vaccineer liever niet een cocktail samen met
Rabiës en of ziekte van Weil, beide zijn zware entingen waar
het liefst minstens een maand tussen moet
|
|
|
|
 |
 |
 |
 |
|
|